Home Verslag leden Achteruitgang van de mus
Achteruitgang van de mus
Geschreven door Hanneke Huiskamp   
zondag 30 januari 2011 14:13
Enkel2011-02-muse dagen geleden kwam de overbuurman aan de deur met een fototoestel in de hand. "Moet je nu eens kijken, wat is dit nu??" riep hij opgewonden uit. "Ik heb een foto gemaakt van deze bijzondere vogel, waarvan ik niet zeker weet wat het is."
Het bleek een Huismus met gedeeltelijk albinisme. Dat houdt in, dat een deel van de vogelveren geen pigment bevat. Dit kan door een trauma veroorzaakt zijn (een aanval van een kat o.i.d) maar ook een genetisch oorsprong hebben.

De buurman vertelde met enige schroom dat hij het gehele jaar door zijn vogels voerde. En dat laatste is nu juist een perfecte methode om de in aantal achteruit gaande "kwajongens van de straat" zoals de huismus en verwante soorten als kauw en spreeuw ook wel eens genoemd worden, een goede toekomst te garanderen, want sinds november 2007 is de Huismus op de Rode Lijst van bedreigde diersoorten geplaatst.
De oorzaken van landelijke achteruitgang (hoewel er lokaal tegenovergesteld effect kan optreden) worden gezocht in de vermindering van nestelgelegenheid door nieuwe bouweisen (volgens het bouwbesluit moeten daken hermetisch afgesloten worden voor vogels middels vogelwerende constructies) en door veranderde landbouwmethodes, zoals de toegenomen maïsteelt en opslag van graan en andere diervoeders op de boerenerven. 
Op de nog bestaande graanvelden wordt door efficiëntere oogstmethoden minder graan vermorst op het land, waardoor in het najaar de uitzwermende mussen geen voedsel vinden. Ook de verwante ringmus gaat landelijk achteruit.

De populatie huismussen is decennia lang gegroeid door de verstedelijking met woningen waarin vooral onder dakpannen kon worden gebroed.
 Maar sinds de jaren zeventig is er door gewijzigde bouwmethoden weinig ruimte onder dakpannen. En de nekslag kwam in 1992 toen de overheid in het Bouwbesluit liet opnemen dat bij renovatie en nieuwbouw er geen enkele ruimte onder de dakpannen mocht zitten i.v.m. de mogelijk daaronder kruipende dieren.............
Helaas werd er tegelijkertijd geen alternatief voorgeschreven, zoals bijvoorbeeld een mussenvide. Dat is een soort aaneengeschakelde nestkastruimte met diverse openingen voor de mussen. Mussen zijn immers kolonievogels en broeden dus ook in kolonies.
 Op het Gijmink werd bij aanvang van de renovatie van de huizen door de aannemer betoogd dat er zeer zeker aan vogelbescherming gedacht was door vogelschroten te plaatsen.
Hij was blijkbaar niet op de hoogte van het feit, dat dit juist een vogelWEREND onderdeel in de dakconstructie is.
Nog een oorzaak van de achteruitgang is gelegen in het feit dat er weinig te eten in de steden is door de afname van braakliggende en ruige terreinen. Ook het verdwijnen van paarden uit het stadsbeeld draagt daartoe bij.
Huismussen vonden een ware voedselbron in onverteerde haverkorrels in de paardenmest. Daarbij opgeteld de "verstening" van tuinen om deze onderhoudsvriendelijk te maken en de afnemende gewoonte om tafelkleden uit te kloppen in de tuin (steeds minder mensen ontbijten nog overigens) en ziehier enkele oorzaken van de mussenachteruitgang.

Gelukkig zijn er dus nog mensen zoals de overbuurman, die er plezier aan beleven om vogels te voeren en ook daadwerkelijk rekening houden met aanplant van struiken en planten die geschikt zijn voor de vogels.
Hoe groter het aanbod, hoe groter de vogeldiversiteit zal zijn. Heel simpel kan je een groenblijvende klimop (Hedera) tegen een muurtje laten groeien, een uitstekende nest- , slaap- en schuilgelegenheid voor diverse vogels.
De merels profiteren hier bijvoorbeeld van door 's winters van de rijpe zwarte bessen te eten.

Hopenlijk kunnen we dankzij het strooien van wat vogelvoer blijven genieten van de Huismus, die een belangrijke rol speelt in de symbiose van mens en vogel.
Tot slot nog een stukje historie................

Historie over de mus
 
Nivon Goor ... Powered by Joomla! ... Designed by SiteGround ... Styled by Marion Butcher ... Sitemap: xml html